De bestaande collectieomschrijving plaatst de overgang naar de ‘nieuwe roepia’, ter waarde van 1.000 oude roepia, vanaf 1964 in de context van de hyperinflatie van het begin van de jaren zestig.
De afbeelding toont biljetten van 1 sen, 25 roepia en 50 roepia; 1 roepia is verdeeld in 100 sen. De biljetten zijn in 1964 uitgegeven. Behalve het exemplaar met een landbouwer met een kegelvormige hoed tonen ze vrijwillige soldaten, Sukarelawan genoemd.
Het afgebeelde voorwerp maakt deel uit van de privécollectie van de auteur.
